maandag, juli 25, 2016

Zonder verhalen uit het verleden géén begrip van het heden. Ook om de oorzaken van extremisme op het spoor te komen, helpt het te luisteren naar verhalen uit het verleden. Dat is wat ik leerde tijdens één van de internationale zomerconferenties van Initiatives of Change (IofC) in Caux, Zwitserland. Van 12 tot 17 juli kwamen daar mensen uit de hele wereld samen om het te hebben over ‘Just Governance for Human Security’. Met name het thema ‘Addressing the rootcauses of extremism of all sorts’ stond in deze week met aanslagen op de boulevard van Nice, Frankrijk en rassenrellen in de VS, hoog op de agenda.
 

Extremisme onder de loep

Er lopen tal van internationale onderzoeken die het wereldwijde extremisme proberen te verklaren. Alle mogelijke sociaaleconomische, politieke en cultureel-religieuze redenen worden aangevoerd, maar tot een eensluidende conclusie komt niemand. Professor Catherine Marshall vatte het tijdens een workshop over extremisme zo samen: ‘We lopen tegen een analytisch muur op.’  Het lukt ons blijkbaar maar niet te analyseren waar  al dat wereldwijde geweld ineens vandaan komt. Maar hoezo ‘ineens’?

In allerlei sessies probeerden we het verschijnsel extremisme in kaart te brengen: van rechtsextremisme van de Ku Klux Klan (KKK) tot radicaliserende moslim jongeren en genocide. Enigszins teleurgesteld was ik eerst even toen ik merkte dat er voor was gekozen de klok een eeuw terug te zetten. Dit zijn toch actuele zaken? Een dialoog tussen Turken en Armeniërs ging over de genocide van 1915. Een presentatie over spanningen in het Midden-Oosten behandelde de Balfour-declaratie van 1917, waarin óók aan Palestijnen beloften zijn gedaan. Een delegatie van witte en zwarte Amerikanen vertelde over oude wonden uit 1921 van de eerste rassenrellen in de Amerikaanse geschiedenis in hun stad Tulsa, Oklahoma. 
 

Op zoek naar de diepere lagen

Is dát de IofC-benadering: teruggaan naar de geschiedenis om zo moeilijke onderwerpen ‘aan te vliegen’? Er wordt gerefereerd aan hoe Duitsers en Fransen elkaar in Caux weer leerden vertrouwen net na de tweede wereldbrand. En in Den Haag hadden we het IofC-seizoen op 21 juni afgesloten met een slavernij-wandeling gekoppeld aan persoonlijke verhalen over de impact van dat slavernij verleden op de verhoudingen tussen groepen in onze samenleving. Koloniale verhoudingen zijn blijkbaar geen onderwerp voor vergeelde geschiedenisboekjes alleen.

‘Healing history’, ‘Wounded history’, ‘Repairing History’. Termen als deze leerden mij naar de diepere lagen van extremisme te kijken met een historische bril op. In Kenia heb ik ervaren hoezeer het heden nog altijd bepaald wordt door verhalen uit het recente koloniale  verleden. In Den Haag is dat verleden ook nog verbazingwekkend dichtbij, zoals de slavernijwandeling ons pijnlijk duidelijk maakte. De huidige rellen in de VS rond wit politie optreden en de Black Lives Matter-beweging leggen structuren bloot die er al sinds de Tulsa-massacre van 1921 liggen. Turkse en Armeense jongeren kunnen niet verder met elkaar zonder de genocide van 1915 wáár te willen hebben. Veel Moslim jongeren willen de Balfour-beloften eindelijk ingelost zien. Tot die tijd zien zij het onrecht in het Midden-Oosten voortduren.
 

Beginnen bij het begin

Persoonlijke verhalen zoals verteld in Caux maken de geschiedenis concreet en gaan je zo dicht op de huid zitten. ‘Addressing the root causes of extremism of all sorts’ is daarom een goed gekozen focus van IofC internationaal. Extremisme heb je in soorten en maten: IS, KKK-terreur, racisme, genocide, wat niet al. We tasten nog in het duister naar alle mogelijke redenen hoe mensen zover komen zich daarmee in te laten. Laten we daarom voor de verandering eerst maar eens beginnen bij het begin, al moeten we daarvoor misschien eerst wel eeuwenoude wortels opgraven.    

 

Willem Jansen